Veel professionals in zorg, welzijn en onderwijs zijn terughoudend als het gaat om de vraag of zij beoordelen. Het woord alleen al roept weerstand op. Beoordelen klinkt als afstand nemen, als een oordeel vellen over iemand die daar zelf weinig over te zeggen heeft. En dat is toch niet waarvoor je het vak bent ingegaan. Die terughoudendheid is begrijpelijk. Maar je kunt er ook op een andere manier naar kijken.
Samen kijken is ook beoordelen
Wat een professional doet in een gesprek met een cliënt, een leerling, een gezin, is niet neutraal observeren. Je brengt kennis mee, ervaring, een beroepskader. Je ziet dingen die de ander misschien niet ziet of nog niet kan zien. Je verbindt wat je hoort aan wat je weet. Je weegt. Je vraagt door op plekken waar iets niet klopt. Dat is beoordelen. Niet over de ander, maar met de ander, als gesprekspartner die iets inbrengt wat de ander zelf niet heeft: professionele kennis en het vermogen om die kennis te verbinden aan deze specifieke situatie. Juist die bijdrage legitimeert je betrokkenheid. Je bent er niet alleen om te luisteren. Je bent er om samen met iemand te komen tot een analyse van wat er speelt, en een richting voor wat er mogelijk is. Zonder dat professionele oordeel ben je geen gesprekspartner meer, je bent een klankbord.
Het gevaar van de oplossing
Maar hier schuilt ook een risico. Want zodra het woord analyse valt, en zeker zodra er sprake is van een plan of een doel, glijdt een gesprek snel in de richting van doel-middelrationaliteit: wat is het probleem, wat is de oplossing, wat zijn de stappen? Die logica heeft haar waarde. Maar ze kan ook iets verdringen wat minstens zo belangrijk is: de menselijke waardigheid van de persoon tegenover je, en de kracht van de relatie die jullie aan het opbouwen zijn.
Een plan dat technisch klopt maar voorbijgaat aan wat de ander werkelijk beweegt, is geen goed professioneel oordeel, hoe efficiënt het er ook uitziet. Beoordelingsbekwaamheid betekent dan ook niet: snel tot een conclusie komen. Het betekent: in staat zijn om te redeneren over wat je ziet, wat je weet en wat je doet. En daarbij de relatie en de waardigheid van de ander als uitgangspunt te nemen, niet als bijproduct.
Wat beoordelingsbekwaamheid vraagt
Beoordelingsbekwaamheid is het vermogen om je professionele oordeel te beredeneren. Niet als bureaucratische verantwoording achteraf, maar als onderdeel van het handelen zelf. Dat vraagt drie dingen tegelijk: kennis van je beroepskader, oog voor de particuliere situatie van de persoon tegenover je, en het lef om een standpunt in te nemen, ook als de situatie complex is, ook als er geen protocol is dat het antwoord geeft.
